Opent in een nieuw tabblad

Ontdekking zweet-gen biedt kansen voor nieuwe behandelingen overmatig zweten

Ontdekking zweet-gen biedt kansen voor nieuwe behandelingen overmatig zweten

Onderzoekers uit verschillende landen hebben een erfelijke oorzaak voor hyperhidrosis (overmatig zweten) ontdekt. Hun studie werpt nieuw licht op de aandoening. De ontdekking toont aan dat de oorzaak van hyperhidrosis niet alleen in de zweetklieren zelf zit, maar bij sommigen ook in de zenuwen die de zweetklieren aansturen. Het onderzoek laat zien dat bij de erfelijke vorm van hyperhidrosis sprake is van overprikkelde zenuwen, die zweetklieren maar blijven opjagen. De ontdekking helpt hyperhidrosis uit de taboesfeer te halen en bovendien ontstaan kansen voor nieuwe behandelingen van overmatig zweten.

Ruim 10 jaar zocht een onderzoeksteam onder leiding van prof. dr. Frank Bosmans (Universiteit Gent, Vrije Universiteit Brussel) naar een antwoord op de vraag waarom sommige mensen overmatig zweten, en anderen niet. Ze werkten samen met wetenschappers van de beroemde Johns Hopkins University in de Verenigde Staten. De onderzoekers bekeken het erfelijk materiaal (DNA) van meer dan 180 patiënten en vergeleken dat met ‘normaal’ DNA. Ze ontdekten dat het gen SCN10A een rol lijkt te spelen in families met meerdere mensen die lijden aan hyperhidrosis. Het SCN10A-gen zorgt voor een ‘foutje’ in een speciaal kanaal dat signalen van zenuwen regelt: het Nav1.8-ionkanaal.

Prof. dr. Frank Bosmans in het laboratorium.

Open sluis

Het Nav1.8-ionkanaal werkt als een soort sluis. Bij patiënten met hyperhidrosis zorgt een foutje in dat kanaal ervoor dat de sluis te ver open blijft staan. Hierdoor blijven de zenuwen die zweetklieren aansturen voortdurend ‘aan’ staan, wat de klieren opdracht geeft tot het maken van zweet.

Van sluizen naar muizen

Om te testen of een foutje in het Nav1.8-ionkanaal echt leidt tot overmatig zweten, werden muizen bestudeerd. Muizen kunnen alleen via hun pootjes zweet afscheiden. De onderzoekers bewerkten het DNA van muizen, zodat de muizen het ‘foute’ gen kregen. Muizen met een foutje in het Nav1.8-ionkanaal bleken inderdaad overmatig te zweten aan hun pootjes.

De onderzoekers probeerden vervolgens het zweten te remmen met verschillende medicijnen en experimentele stoffen. Nadat muizen hiermee ‘behandeld’ werden, verminderde het zweten aanzienlijk. Onderzoekers wijzen erop dat de genetische realiteit bij mensen veel complexer in elkaar zit. Toch openen de resultaten van het onderzoek deuren naar studies bij mensen.

Uit de taboesfeer

Overmatig zweten komt naar schatting bij 2 tot 5 procent van de mensen voor. Symptomen kunnen sociaal ongelooflijk invaliderend zijn. De impact op het dagelijks leven is voor veel mensen met hyperhidrosis enorm. Op veel zweten rust een groot taboe. Mensen vermijden sociale contacten door schaamte en soms ontwikkelen ze een depressie of angststoornis.

Voor mensen die last hebben van overmatig zweten is de boodschap van het onderzoek: primaire hyperhidrosis is niet alleen een cosmetisch probleem of een kwestie van stress. Ten minste een deel van de mensen die last hebben van overmatig zweten heeft een genetisch te verklaren aandoening. Nu onderzoekers het biologisch mechanisme achter deze vorm van hyperhidrosis beter begrijpen, is het mogelijk om gerichte behandelingen van zweetklieren én zenuwen te bestuderen.

Bronnen:
Suguru Yamauchi, Jolien Vander Cruyssen, Michele Cervellera et al. (2026) A Neurocutaneous NaV1.8 Channelopathy Underlies a Genetic Subtype of Primary Idiopathic Hyperhidrosis

Terug naar overzicht